Pijn kan tot groot misbaar leiden. Dit zijn de aanstellers.  Anderen verbijten zich, zichtbaar. Dit zijn de demonstratieve flinkerds. Aanstellen wordt als zwakte beschouwd. Flink zijn is goed. Maar ik ben van geen van beide onder de indruk.

Ik heb de indruk dat jonge kerels van 15 tot 40 de grootste aanstellers zijn. “Doet het pijn?” vragen ze als je met een verdoofnaald richting de wond beweegt. “Natuurlijk doet dat pijn, maar hechten doet geen pijn, want dan is het verdoofd, met deze naald.

Dat moet geruststellen, denk ik dan. “Even wachten hoor” is ook zo’n bezwering, alsof ze eerst willen nadenken over de hoogte van hun levens­verzekering. Sterilisatie is geheel onbespreekbaar bij veel mannen. Prikken en snijden bij hun ballen: rillingen over hun rug. Ze durven gewoon niet. Ik stook vrouwen graag op. Mijn advies aan hen is in lachen uit te barsten, aan tafel, met de kinderen erbij. Zeg dan dat het zo’n aardig onderwerp is voor het kringgesprek, op school. Of vertel op een verjaardag de details van het verhaal. Deze samenzwering is meestal effectief.

Anderen zijn van het type flinkerd die veel pijn verdragen. Ook deze kunnen gevoel voor drama hebben. Bij het onderzoek van een pijnlijke schouder beweeg ik langzaam de arm omhoog met de vraag “Zeg maar wanneer het pijn gaat doen”. Het type demonstratieve flinkerd zegt dan niets als het pijn gaat doen, maar krimpt wel in elkaar, vertrekt het gezicht en beweegt mee. Daar trek ik me niets van aan, want ik vroeg of ze wilden zeggen op welk punt het pijn doet. Dat doen ze niet en dus be­weeg ik de arm door. “Doet het pijn?” vraag ik dan gemeen. “Oh, sorry, maar je zou zeggen wanneer het pijn doet. Nog een keer dan”.

Aanstellen of flink zijn, met beide kun je lachen. Ik tenminste wel.