Gisteren heb ik niet gerookt. Dat leek me een aardig verjaarscadeautje voor haar, een dag niet roken na 40 jaar verslaving. Dat vond zij ook, gelukkig. Vanochtend bedacht ik dat nog een dag niet-roken erg stoer zou zijn. Ik kan altijd weer beginnen met roken, morgen bijvoorbeeld. Ze vroeg ‘Ben ik nog een beetje jarig vandaag?’. Ze bedoelde ‘Krijg ik nog een dag niet- roken cadeau?’ Ja, je bent nog een dag jarig.

Vandaag rook ik ook maar niet. Maar dat was wat overmoedig. Het valt enorm tegen, zo’n tweede dag zonder. Bij een volgende stoppoging sla ik de tweede dag over. Alles is onrust aan me. Mijn handen, vingers, benen, ademhaling, alles beweegt, alles zweet. Maar goed, het cadeautje is niet meer stinken, niet meer in de garage zitten, niet meer zo snurken. En vooral: meer kans dat we samen oud worden. Uiteindelijk gaat het daar om. Ik wil graag haar rolstoel duwen, later, en niet andersom. Veel hoef je daar niet voor te doen, gewoon stoppen met roken op je 57ste.  Na 10 jaar niet-roken is de kans op nare ziektes weer normaal geworden. Op mijn 67ste kan ik dus weer gaan roken. Ik verlang er nu al naar.