Een hoofdpijnlijder heeft een ongewenste relatie met zijn hoofdpijn. De hoofdpijn dringt zich op, als een stalker, aan de hoofdpijnlijder. Met een beetje geluk is de stalker voorspelbaar, maar hij blijft een stalker, die je ongevraagd lastig valt. Die ongewenste relatie tussen hoofdpijnlijder en de hoofdpijn kan zo lang duren dat ze vertrouwd wordt.

Het gaat uiteindelijk lijken op zo’n slecht huwelijk dat levens­lang duurt.

Een mevrouw van 76 jaar heeft al 65 jaar last van haar migraine, haar stalker. Deze kwam vroeger drie keer per maand langs, maar de laatste jaren minder vaak, nog maar één keer per maand. Hij blijft ook korter, 24 uur nu, in plaats van de 3 dagen die mevrouw gewend was. Zij vindt dat een verbetering. Ze kan indrukwekkende verhalen vertellen over hoe het vroeger was, toen er nog geen medicijnen waren.

Ze is langzamerhand aan de stalker gewend. Ze heeft haar medicijnen die volgens mij niet goed werken, of ze neemt ze te laat, of te weinig. Ze wil geen andere medicijnen proberen. Ze weet waar ze aan toe is en dat houdt ze zo. Het is een gewoonte geworden.

Ik hoop dat haar migraine nu met pensioen gaat, maar je weet het nooit. Misschien volgt haar migraine de nieuwe trend; niet stoppen op je vijfenzestigste maar doorgaan tot je zeventigste. Ik weet niet of ze dat erg vindt. Ze koketteert een beetje met haar migraine. Ik krijg verslag van haar migraine, ook als ze voor wat anders komt. Ze is er bijna trots op dat ze nog steeds die rotmigraine heeft, want het is haar eigen rotmigraine.

Langzamerhand, naarmate ze ouder en eenzamer wordt, denk ik dat haar migraine het enige is wat ze nog beleeft. Zelfs een stalker kan welkom zijn als er verder niemand meer langskomt.