Dokters mopperen onderling soms op een klein groepje patiënten die overvragen. Politici, bestuurders en financiers mopperen mee, en verwijten dokters dat ze teveel doen. Daarom is de zorg te duur. Patiënten en dokters zijn de schuldigen. Het gekke is dat dokters en patiënten het in de spreekkamer vrijwel altijd eens worden. Het is genoeglijk in die spreekkamer, harmonieus. Blijkbaar is over je eigen gezondheidsproblemen praten  met je eigen dokter iets heel anders dan schrijven in de krant over andere patiënten, andere dokters. Het probleem zit hem in het verschil tussen individuele kwesties en publieke zaken, tussen praten in de spreekkamer over jezelf en schrijven in de krant over anderen.

 Dokters hebben last van dezelfde gespletenheid. Ik kan goed het individuele patiëntenbelang dienen. Tegelijk de samenleving bedienen, uw premie laag houden, dat lukt me niet goed als de spelregels me dwars zitten, de publieke spelregels. Ik schrijf bijvoorbeeld op verzoek paracetamol met het onwerkzame codeïne voor, want zonder codeïne wordt het niet vergoed. We hebben nogal wat arme patiënten en dan vind ik die paar euro zo sneu voor ze. Die vergoedingsspelregel is krom. Net zo met de vraag om een verwijsbrief voor de derde orthopeed voor kniepijn, de dermatoloog voor ontsieringen, de gynaecoloog voor buikpijn. Volgens de krant moet ik nee zeggen, in de spreekkamer zeg ik regelmatig ja. Individuele geneeskunde is namelijk onzekerheid verkleinen, in een goede verstandhouding. Het liefst zou ik minder geruststellingsgeneeskunde willen bedrijven, als ziekenfonds, regering en krantenlezers me daarin steunen. Dat doen ze niet, niet als het wat conflictueus wordt. Dus streef ik naar harmonie en naar het onzinnige percentage van 100% zekerheid. Dat kost geld. In de spreekkamer wilt u dit allemaal. In de krant bent u daar allemaal tegen. Ik kan uw probleem niet oplossen, niet in mijn eentje.

Geplaatst in Volkskrant, Opinie rubriek