Ze zeggen dat je van stress ziek wordt. Waarschijnlijk is dat niet zo. In allerlei studies vonden statistici steeds wel wat positieve of negatieve verbanden tussen ziekte en het meemaken van dramatische gebeurtenissen en stress in het algemeen. Naarmate de aantallen en de kwaliteit van de studies toenamen, en dus de bewijskracht toenam, werd duidelijk dat het allemaal niet zo klopte. Nu is er een nieuwe studie verschenen. Die gaat niet over stress, maar over hoe je daar mee om gaat zodanig dat je niet zo ongelukkig blijft van je ontslag, de aanslag of het loonbeslag. Dat kun je een beetje leren.

Daar zijn psychologische trainingen voor. Maar het is ook een karakter trek, de eigen-boontjes-karakter trek. En die hebben ze gemeten. Deze mensen zijn van nature gewend hun eigen boontjes te doppen. Sterk in zelfcontrole bij nare gebeurtenissen, maar ook zich zelf verwijten dat het niet goed gegaan is. Ze verbeteren hun verdediging bij een aanval in plaats van de scheidsrechter te verwijten te. Die mensen schijnen statistisch minder kans te hebben op een hartinfarct, een klein beetje en misschien wel helemaal niet bij vervolgstudies. Misschien is er wel een onbekend aanlegfactor, diep verborgen in het DNA, die dit karaktertype inkleurt en die tegelijk, los hiervan, het risico op hartinfarct verlaagt. Dan is die eigen-boontjes-karaktertrek een gevolg, zonder verband met het hart. Voorlopig is het een leuk idee dat die zelfverantwoordelijke levensinstelling beloond wordt met gezondheid. Van stress krijg je dus geen hartinfarct. Handiger met stress omgaan kun je leren waardoor je de klappen eerder te boven komt. Maar misschien is het wel allemaal aanleg. Je bent geboren voor het zelfgemaakte geluk – en een tobber als het niet goed gaat, of een slachtoffer van het lot - en boos op anderen die je benadelen. Elk voordeel kent zijn nadeel. In een oude studie vond ik nog een leuke keerzijde van pech. Na een hartinfarct zijn mensen gelukkiger dan daarvoor. Statistiek is een leuk vak.