Allerlei ellende klontert aan drijfhout. In de hoek van de gracht zie je dat wel eens. Net zo drijven sommige gezinnen door Nederland van de ene narigheid naar de andere hopeloosheid. Ellendig menselijk drijfhout.

Ze zijn verhuisd uit een grote stad, stiekem, want ze hebben een huurschuld, en nog veel meer schulden, vijf cijfers. Hier trokken ze ergens in, geen officiële huur, maar via via. Zij komt uit een Oost-Europees land. Ze spreekt voldoende Nederlands, maar is voor de rest maatschappelijk hulpeloos. Hij deed alle administratie… nou ja. Ze heeft geen idee van ingewikkelde Nederlandse formulieren, wetten of instanties.

Ik heb niet durven vragen hoe ze hier gekomen, noch waar die schulden vandaan komen, en zeker niet naar haar verblijfsvergunning. Zij is de stiefmoeder van vier Nederlandse kinderen, van de basisschoolleeftijd. Zo te zien doet ze dat goed. Dan wordt hij na de verhuizing zo ziek dat hij direct opgenomen moet worden. Hij heeft het net aan overleefd, maar moet nog tijden revalideren. Invaliditeit zal blijven. Ik hoop maar dat hij verzekerd is.

Wat nu? Voorlopig hebben we gespecialiseerde gezinsverzorging ingezet. Binnenkort zal het wel een huisuitzetting worden, van die geheel verloren vrouw met vier stiefkinderen, zonder man. Vermoedelijk bestaat ze administratief niet. Daarom zal zij technisch gezien wel geen schulden hebben. Maar ook geen inkomen.

Meestal weet ik wel een leuke draai aan een verhaal te geven. Hier krijg ik dit niet voor elkaar. Een oplossing is er wel, maar die mag niet. Want de oplossing is bevoogdend, onwettig en onpraktisch. Die oplossing is alles wat verder gaat dan brood kopen over te nemen van hen. En ze dan langzaam leren te leven, onder leiding, misschien levenslang. Drijfhout kun je teruggooien. Mensen niet.